Ik ben op 13 mei 1959 geboren in Vlaardingen. Eerst woonde ik aan de
Hogendorplaan en later in Holy aan de Kraanvogellaan. Ik zat op de
Barbaraschool, daarna op de Roncallischool en tenslotte op de Pax Christi
school. Na de basisschool ging ik naar de HAVO in Schiedam. Daar woon ik
tegenwoordig ook. Op Scholengemeenschap Spieringshoek deed ik in 1976
eindexamen. Daarna studeerde ik voor onderwijzer aan de pedagogische
academie Thomas Morus die tegenwoordig Thomas More heet. In het laatste
jaar (1979) liep ik stage bij de educatieve dienst van Diergaarde Blijdorp.
Om preciezer te zijn bij het Natuurhistorisch Museum wat toen nog in
Blijdorp was gevestigd. Inmiddels is het Natuurhistorisch Museum al weer
vele jaren weg uit Blijdorp en vestigde zich zelfstandig in Rotterdam aan
de Westzeedijk 345. Daar staat het nog steeds. Na mijn stage werkte ik ruim
twintig jaar in verschillende functies in Blijdorp. Eerst gaf ik er les aan
talloze groepen leerlingen uit het basis- en voortgezet onderwijs. Later
hield ik mij met vormgeving bezig. Ik hielp mee bij tentoonstellingen en
was betrokken bij de nieuwbouwplannen van Blijdorp. Ik ben vervolgens
getrouwd met Marja, die ik kende van Thomas Morus en heb twee dochters,
Karin en Linda. In Blijdorp werd ik al snel hoofd van de educatieve dienst
en kwam in het Managementteam. Ik mijn vrije tijd nam ik deel aan de
redactie van TamTam, het jeugdblad van het Wereld Natuurfonds, waarvoor ik
elke maand verhaaltjes schreef.
De tachtiger jaren van de vorige eeuw stonden ook in het teken van een
jaren doorlopend meeuwenonderzoek (Laridae). Samen met Erwin J.O. Kompanje
struinde ik stranden en broedkolonies af op zoek naar kadavers. We ontdeden
de vogels van vlees en veren en maakten de skeletten schoon. We namen bot-
en schedelmaten en deden geslachtsbepalingen. Na grote aantallen te hebben
onderzocht konden we uiteindelijk het geslacht bepalen enkel aan de hand
van bepaalde lichaamsmaten of van afzonderlijke botten.
Al het skeletmateriaal bevindt zich inmiddels in het Natuurhistorisch
Museum in Rotterdam. Het museum heeft daarmee waarschijnlijk de grootste
meeuwenskeletcollectie van Europa.
Ik schreef samen met Ardaan Gerritsen mijn eerste boek 'het dierentuinboek
voor kinderen' geïllustreerd door Sandra Klaassen . Na de opening van het
Oceanium ben ik weggegaan in Blijdorp en heb een poos heel andere dingen gedaan.
Ik schreef 'van kop tot staart', geïllustreerd door Ingrid en Dieter Schubert.
Samen met Kees Heij reisde ik enkele malen naar Indonesië. We zochten in
de binnenlanden van het eiland Waigeo naar een mogelijk uitgestorven vogel:
het Bruijns Boshoen (Aepypodius bruijnii). Kris Tindige, een Indonesische natuurbeschermer,
vergezelde ons. Samen met hem richtte Kees en ik de Stichting M&P WILCON
ecoguide Fund op. Dit is een stichting die natuurbeschermingsprojecten op de
Molukken ondersteunt. In 2001 ben ik begonnen bij de Gemeente Rotterdam als
beleidsadviseur. Enkele jaren later werd ik hoofd van het directie bureau bij
de dienst Jeugd Onderwijs en Samenleving. Inmiddels werk ik sinds 1 februari
2008 als Interim Manager bij BRIM
(Bureau Rotterdam Interim Management) van de Gemeente Rotterdam. Ik werk fulltime
en probeer daarnaast tijd te maken voor het schrijven van boeken en het werken
aan de schelpen collectie van het Natuurhistorisch Museum van Rotterdam. Daarnaast
reis ik zo vaak mogelijk; het liefst naar verre landen. Ik ben pas op latere
leeftijd aan het schrijven gegaan. Als je meer wilt weten over wat ik zoals
geschreven heb dan kun je verder kijken op mijn site. Veel plezier met het lezen
van mijn boeken!'